(last updated: 17 oktober 2005)


1. doel van deze website

3. overige stukken en aangelegde lijsten voor de rechtspraktijk
    Waaronder over het leeftijdsonderzoek

4. verzamelde informatie omtrent China

5. verzamelde informatie omtrent procedures bij het EHRM

6. verzamelde interessante uitspraken

7. eigen verslaglegging verrichte onderzoeken rechtspraktijk

8. lijst van asieladvocaten

9. immigratierechten: een standpunt van M.A. Collet

10. kinderrechten


Doel van deze website

mr. M.A. Collet is werkzaam als advocaat bij Collet Advocaten Rotterdam.

Deze website is beschikbaar voor eenieder die dat wil en andere informatie die eventueel op deze site kan worden gepubliceerd, is welkom. De nadruk ligt op China, maar ook Iran komt aan bod. Zowel inhoudelijke als procedurele aspecten worden belicht, waarbij veel aandacht wordt besteed aan specifieke en actuele probleempunten binnen het recht.

Voor China zijn naast het migratievraagstuk vooral de verschillen in cultuur, taal en wet- en regelgeving een probleem. Chinezen alhier krijgen te maken met een heel andere wereld, zoals de Nederlanders in China met een heel andere wereld te maken krijgen. De neiging van de mens om alles vanuit het eigen perspectief te zien, is daarbij vaak reeds de eerste (beginners)fout. Voor een goede verstandhouding dient men de tot heden gehanteerde referentiekaders los te laten.

Middels deze website wordt tevens geprobeerd om meer aandacht voor enkele misvattingen en -standen te krijgen. Deels kan dit door eigen onderzoek, waarbij het wishfull thinking van de overheid maar al te vaak wordt blootgelegd, deels door fundamentele discussies aan te gaan omtrent het te voeren beleid. De kritiek is vooral gericht naar Nederland, het verzamelen van informatie is gericht op het buitenland, met name China.

Door de kennis en contacten te delen, hoop ik dat hiermee een bijdrage wordt geleverd aan de verbetering van de kennis van zaken, waardoor misstanden ook voorkomen kunnen worden. Mogelijk dat het zelfs aanleiding geeft om het beleid en de alhier gehanteerde onderzoeksmethoden binnen het recht en de overheid te herzien. Het mooiste is dat er een moment komt dat de informatie op deze website niet meer nodig is. Dan is het doel pas echt bereikt.

Michel Collet, 19 september 2009


Immigratierechten in Nederland


Aangezien er in Nederland een streng maar "rechtvaardig" asielbeleid geldt, kan het geen kwaad die rechtvaardigheid een handje te helpen. Dat zulks nodig is, blijkt ook wel uit het onderstaande krantenknipseltje (Volkskrant 19 mei 2003).

vk_artikel_20030519_dodeaz.jpg (43168 bytes) volkrant20040117.jpg (57491 bytes)

Niet alleen had deze dood voorkomen kunnen worden (zoals blijkt op 17 januari 2004) door wat meer aandacht te hebben voor de persoon die een vreemdeling is. Ook ander onnodig leed had wellicht voorkomen worden (zie onderstaand krantenknipseltje van 26 januari 2004). Een zwangere vrouw wordt in Nederland tegenwoordig aan haar lot overgelaten! (Gelukkig dat nog er nog mensen zijn die daar anders over denken, zoals deze twee vriendinnen)

Gelet op de Koppelingswet hebben illegalen (dat zijn volgens de wet allen die niet in een vreemdelingrechtelijke procedure zitten en geen verblijfsvergunning hebben), maar ook diverse andere categoriën vreemdelingen, die wel legaal in de procedure zitten, maar geen recht hebben op opvang als asielzoeker, geen recht op medische verzorging, tenzij hun situatie levensbedreigend is. De kosten van de ziekenhuisopname zijn nu voor het ziekenhuis, want die krijgt geen vergoeding voor het verblijf van de Nigeriaanse vrouw uit het ziekenfonds of een andere ziektekostenverzekering. Artsen kunnen eventueel een verzoek indienen bij het Koppelingsfonds, althans als het medisch noodzakelijke hulp betreft, maar wanneer is het levensnoodzakelijk en wanneer niet? Kennelijk mag een zwangere vrouw in de winter op straat worden gezet, is dat niet levensbedreigend. Nu zijn er twee ongeboren kinderen gestorven, het zou mij niet verbazen als dit niet was gebeurd als deze vrouw normaal opvang was geboden. Hoe ver moet men gaan?

brab_db_26012004.jpg (122256 bytes)

Indien niemand meer voor de asielzoekers zorgt, uitgeprocedeerd of niet, zullen er meer doden vallen. Door een opeenstapeling van wetten, kunnen zij zich niet meer in leven houden zonder ernstige complicaties. Het land verlaten is vaak ook niet (meer) mogelijk, al is het maar omdat ze daarvoor geen mogelijkheden (meer) hebben. Hoe begrijpelijk de wens ook is dat men wil voorkomen dat er steeds maar doorgeprocedeerd wordt omdat men zo in de voorzieningen kan blijven, hoe begrijpelijk de wens ook is om zich hard op te stellen tegen medemensen die toch zelf hun land hebben verlaten en daarmee zelf het risico namen, het is geen excuus voor het in Nederland laten uithongeren en laten versterven van vreemdelingen (al dan niet met hun kinderen) die alhier een procedure willen voeren ten einde hun (mensen)rechten uit te kunnen oefenen.

Niet het voeren van de procedure(s) is het probleem, maar de kwaliteit van die procedures. Zowel aan de kant van de IND als aan de kant van de asielzoeker (en zijn (rechts)hulpverlener), worden teveel fouten gemaakt, zaken vergeten of simpelweg niet goed aangepakt. Ik ben mij ervan bewust dat ik ook niet alles weet en dat komt bovenop de toch al moeilijke gang van zaken en de steeds weer wisselende spelregels. Ik ben ook maar mens en fouten maken is nu eenmaal menselijk.

De IND, maar ook Buitenlandse Zaken en andere gelieerde instanties hebben nu niet alleen de wet op hun hand, maar ook de jurisprudentie. Er is een veel grotere verantwoordelijkheid dan gezond is, gelegd bij de asielzoeker en diens advocaat. In het UNHCR-handboek wordt nog uitgegaan van de onderzoeksplicht van de immigratieambtenaar, in de jurisprudentie is dit verworden tot stel- en aandrachtplicht van de asielzoeker. De IND kan bijna achterover leunen. Het UNHCR-handbook is in Nederland verworden tot dode letter.

Wel of niet uitzetten, hoe gezond of ziek is iemand? Wat zijn de risico's en wat zijn de vragen die men zich daarbij moet stellen? Dura lex, sed lex? Is dit ons probleem of niet?

dode_asielzoeker_spanje.jpg (386197 bytes)

Ligt de politiek nu wel of niet wakker van dit soort problemen? De lokale politiek wordt er van dichterbij mee geconfronteerd en het siert hen dan ook niet dat zij zich door de Minister een ongeclausuleerd akkoord in de maag laten splitsen, waarbij de uitgeprocedeerden door haar worden overgenomen en in zogenaamde Uitzetcentra worden geplaatst. Dit hebben we al eens eerder gedaan (Ter Apel). Ook nu weer is de bottleneck, de vraag of iemand wel of niet meewerkt aan zijn uitzetting. Indien de identiteit onvoldoende komt vast te staan, wordt de persoon alsnog op straat gezet. Wat met de kinderen van die persoon, dat kind kan er toch niets aan doen? Wat als er sprake is van een land waarvan het algemeen bekend is dat het verkrijgen van bewijs dat men niet gewenst is, niet te krijgen is. Als zo een land zegt dat iemand bij hen onbekend is, heeft de vreemdeling dan nog voldoende meegewerkt om de identiteit vast te stellen? Wat als het een land betreft waar zoveel veranderd is, of vernietigd is, dat het traceren van iemand nagenoeg onbegonnen werk is? Krijgen die mensen dan een verblijfsvergunning of worden ze dan door de Minister met een druk op een knopje (lekker van op afstand) op straat gezet? Die afstandelijke en harde manier van beleid voeren, is politieke voeren op een menselijk onverantwoorde manier, ten koste van mensenlevens worden stemmen gewonnen. Want laten we wel wezen, opkomen voor vreemdelingen maakt je momenteel niet bepaald populair.

De rol van Buitenlandse Zaken is eveneens lastig. Met hun ambtsberichten, die door de jurisprudentie als deskundigenberichten worden aangemerkt, wordt kennis ingebracht die door een individuele advocaat nagenoeg nimmer kan worden weerlegd. Dit is echter wel een eis, indien een beroep op een ambtsbericht wordt bestreden dient men concrete feiten en omstandigheden aan te dragen dat een bepaald ambtsbericht onjuist of onvolledig is. Voor een drukbezette advocaat is dat onbegonnen werk. Daarbij komt dat slechts een beperkt aantal uren aan rechtshulp wordt vergoed, voorzover het feitelijke onderzoek eigenlijk geen juridisch werk is of lijkt te zijn. Dat die ambtsberichten niet volledig en juist zijn, laat staan objectief, weten we allemaal wel. Omdat het niet aangetoond kan worden en omdat ondanks eerder opgestelde richtlijnen (die ook niet worden nageleefd) er geen enkele verbetering optreedt, zal ook dit stukje van feitenvergaring onderhevig blijven aan de politieke grillen, die vertegenwoordigd worden in de Afdeling Asiel en Migratie van dit Ministerie. Een hopeloos grote muur om tegen te vechten?

Krachten bundelen, is dan ook het enige antwoord dat ik nu kan geven en ik hoop met deze site een eerste aanzet daartoe te geven. Ik wil mijn informatie beschikbaar stellen en tevens deze website openen als een gratis uitwisselplatform voor zij die zich geroepen voelen om hun informatie met de andere collega's te delen. Hoe de website verder vorm krijgt, zal de tijd uitwijzen. Wel streef ik ernaar de websiteadressen vast te houden, zodat de aangetroffen informatie steeds weer op diezelfde plaats gevonden kan worden.

 

Kinderrechten:

Als gevolg van de vele Chinese kinderen die na jaren alsnog op straat worden gezet, al dan niet na het bereiken van de meerderjarigheid, is het almaar belangrijker geworden de kinderrechten beter onder de loep te nemen. Dit kwam al deels aan bod, maar zal verder uitgebreid worden met inmiddels opgedane praktijkervaring.

Omdat er sinds de pleitnota van Defence for Children (voorjaar 2004) steeds meer vraag was naar de tekst van een tweetal uitspraken over kinderrechten gedaan door het VN-mensenrechtencommittee, heb ik hieronder een link ingevoegd:
augustus 2001: CCPR/C/72/D/930/2000 zie met name r.o. 7.3
6 november 2003: CCPR/C/79/D/1069/2002 zie met name r.o. 5.15 en 9.7
Deze uitspraken zijn van belang omdat ze als niet in de JV of soortgelijk gepubliceerd lastig te vinden zijn. Alle uitspraken zijn wel bij de UN-organisaties terug te vinden en als je bijvoorbeeld Google gebruikt kun je met de referentie de originele teksten in verschillende talen terugvinden. Het gaat uiteindelijk om het feit dat uit deze uitspraken het belang van het kind nog eens duidelijk wordt. Ook als een kind "illegaal" in een land verblijft, kan het toch verblijfsrechten opbouwen, waarbij ook nog eens de jaren tussen 12 en 18 zwaarder geteld moeten worden omdat dan de sociale netwerken het hardst worden opgebouwd. Dat belang van het kind moet derhalve worden meegewogen.

In de JV (2004/399) is een uitspraak van het VN-Mensenrechtencomite gepubliceerd van 26 augustus 2004: CCPR/C/81/D/1011/2001 zie met name r.o. 9.8. Daarbij werd de uitzetting van een Italiaanse man en zijn kinderen in strijd geacht met artikel 17, 23 en 24 IVBPR. De kinderen verbleven al hun hele leven lang (11 en 13 jaar) in Australië en kenden de Italiaanse taal niet. In de noot (van Sandra van Walsum) wordt nog uitvoerig stilgestaan bij het verschil in benadering door het EHRM en het VN-mensenrechtencomité (mede vanwege artikel 24 IVBPR).

In de voorgaande noot werd nog gewezen op een andere uitspraak van het VN-mensenrechtencomité, van 29 oktober 2003. In die uitspraak is bepaald dat uitzetting van (illegaal) in een staat verblijvende gezinsleden in strijd kan zijn met artikelen 17 en 23 IVBPR, het beste belang van het kind dient een primaire overweging te zijn. Deze uitspraak staat in de RV 2003/22 gepubliceerd met noot van wederom Sandra van Walsum. In r.o. 9.6 komt de afweging bij uitzetting aan bod (artikel 17 en 23) en in r.o. 9.7 artikel 24 (best interest) in het kader van de detentie. Dit Afghaans gezin was illegaal in Australië aangekomen, de man  in 1999, de vrouw en kinderen in 2001. Terwijl de man wel een status kreeg, kregen vrouw en kinderen dat niet, de vrouw haalde nationaliteitstest en taaltest niet, zij werd Pakistaans geacht te zijn. In 2002 achterhaalt men de ware identiteit van de man, zijn status wordt alsnog ingetrokken. Omdat de daadwerkelijke uitzetting nog niet uitgedacht is, laat staan geregeld is, dreigt er schending van het recht op gezinsleven als moeder en de kinderen al wel uitgezet worden.

In 2005 heeft het Kinderrechtencomité ook veel aandacht besteed aan de positie van alleenstaande minderjarigen en hun kwetsbare positie. Dit heeft geleid tot een speciaal daartoe geschreven stuk dat staten oproept toch meer aandacht voor die zwakke positie te hebben: informatie/rapporten/CRC_GC_2005_6_E_unedited.pdf. Met dit stuk in de hand kan een nadere invulling worden gegeven aan die kinderrechten en tevens betoogd dat in Nederland nog wel de nodige verbeteringen mogelijk zijn.

Het preoewfproces is helaas ook in hoger beroep afgewezen, kinderen krijgen geen zelfstandig recht op verblijf als ze meer dan drie jaar in Nederland verblijven in een verblijfsprocedure en er wordt ook anderszins niet iets extra in de wet opgenomen om hen daarin tegemoet te komen. Nederland respecteert derhalve de kinderrechten nog niet zoals het hoort.

 

Verzamelde informatie rechtspraktijk


Gepubliceerde eigen artikelen:

Niet gepubliceerde eigen artikelen:

Overige interessante stukken:

  • Diverse stukken ivm leeftijdsonderzoek, waarbij stralingshoek het element van discussie is:

    OP VERZOEK VAN DE AUTEURS ZIJN DE ONDERSTAANDE DOCUMENTEN VAN INTERNET GEHAALD, NIET MEER OPVRAAGBAAR GEMAAKT.
    OMDAT DE ZAAK NOG LOOPT WIL MEN DEZE NIET IN ROULATIE HEBBEN, OOK AL HEBBEN ZE EEN ALGEMEEN BELANG, MEN WIL EERST DE AFLOOP VAN DEZE ZAAK KENNEN.

     (487 Kb, pdf, medisch kollektief)
     (88 Kb, pdf, prof. Blickman)
     (798 Kb, pdf, diverse artikelen)

    Het leeftijdsonderzoek is gebaseerd op een simpele stelling. Indien de groeischijf wordt aangetroffen, is iemand nog niet uitgegroeid. Is die groeischijf niet aanwezig, dan is iemand uitgegroeid. Dat onderzoek wordt met literatuuronderzoek, verwijzend naar andere onderzoeken onderbouwd. Volledige sluiting van de sleutelbeenderen kan nu volgens de Nederlandse rechters worden aangenomen bij een leeftijd van 20 jaar of meer. Iemand bij wie de groeischijf niet wordt aangetroffen, moet dus minstens 20 jaar oud zijn.

    Let op, omgekeerd geldt dus niet. Indien de groeischijf aangetroffen wordt, is dat geen reden voor minderjarigheid. In minstens één zaak weet ik zelf ook van iemand die wel het leeftijdsonderzoek door kwam als waarschijnlijk minderjarig, maar waarvan uit eigen onderzoek in de registers in China aangetoond en ook toegegeven is dat die persoon 10 jaar ouder, 27 jaar, was.

    Probleem is dat het resultaat van dat onderzoek dus afhangt van de vraag of de groeischijf wordt aangetroffen if niet. Dit lijkt een beetje op struisvogelpolitiek die men ook bij de ambtsberichten aantreft, althans de wijze waarop de IND ermee omgaat. Indien in een ambtsbericht niet is aangegeven dat er bepaalde problemen zijn, dan zijn die problemen er ook niet. Of bij onderzoek naar de authenticiteit van originele documenten. Door daar vergelijkend onderzoek te hanteren, te vergelijken met bekende modellen in een database, kan indien een document wordt aangetroffen waarvan geen voorbeeld in die database staat, slechts de conclusie worden getrokken dat de echtheid niet kan worden bevestigd. De IND koppelt daar echter steevast aan dat het overgelegde document niet authentiek is, dat het vals is. Dat gaat dus veel verder dan wetenschappelijk verantwoord.

    Zo geldt dat ook voor het leeftijdsonderzoek. Zoals uit de voorgelegde rapporten al blijkt, is juist het al dan niet aantreffen van de groeischijf een probleem. Dat vinden is immers afhankelijk van een onderzoeksmethode die geen succes gegarandeerd. Men neemt een viertal foto's en als op geen van die foto's de groeischijf staan, is de conclusie dat er geen groeischijf is en dus sprake van een volgroeid bot. Helaas ligt dat niet zo eenvoudig. Dat gaat er dan immers van uit dat als er een groeischijf is, deze altijd op de röntgenfoto te zien is.

    Uit de stukken blijkt nu dat voor een dergelijke conclusie onvoldoende garantie aanwezig is. De bestralingshoek moet loodrecht zijn op de aanwezige groeischijf, om deze te kunnen aantreffen. Indien dat niet zo is, worden de röntgenstralen onvoldoende geremd en zal met de omliggende weefsels geen verschil waar te nemen zijn. De groeischijf remt de straling dan onvoldoende af om te worden gedetecteerd. Omdat de groeischijf langzaamaan dicht groeit, wordt deze steeds dunner, dus moeilijker om te detecteren. Daarenboven kan de vorm zo grillig zijn, dat ook dat een reden kan zijn tot valse geslotenmeldingen. Er is nimmer onderzoek gedaan naar de mate waarin die fout een rol speelt, laat staan dat het door Van der Pas gehanteerde protocol een voldoende waarborg geeft dat deze fout binnen de marges van het acceptabele blijft. Er is in het huidige onderzoeksprotocol geen waarborg ingebouwd dat de belichting juist is geschied. DAAROM is het leeftijdsonderzoek zoals dat momenteel wordt toegepast, geen legitiem bewijs dat iemand meerderjarig is.

  • Reactie d.d. 14 juni 2004 van Verdonk op rapport van Defence for Children, waaruit blijkt dat ook voor "illegale" kinderen het IVRK van toepassing is:
    informatie/MinisterVZreactieopDefenceFC20040614nota.pdf (194 Kb)


Aangelegde lijsten:

  • Lijst van procedures bij het EHRM en andere internationale fora (neit meer bijgewerkt sinds 2005):
    ehrm.htm


Eigen commentaar zoals opgenomen in de pers:


 

mr. M.A. Collet is werkzaam als advocaat bij MR Advocaten en Procureurs in Waalwijk
Voor meer informatie over dit kantoor kunt U terecht op:
www.mradvocaten.nl

Reacties (aanvullingen, verbeteringen, e.d.) op deze website kunnen gestuurd worden naar:
advocaat@collet.nu